Monday 18 December

Het feest van Christus Koning heeft zijn oorsprong o.a. in de negentiende eeuw, toen koningen en koninginnen nog echte gezagsfiguren waren. Heden ten dage is dat vrijwel overal niet meer zo. Ze zijn thans ceremoniële, symbolische figuren, constitutionele monarchen. Als wij zeggen dat Christus de Koning der koningen is, dan betekent het dat zijn gezag dat van de aardse koningen volledig overstijgt.

Maar wij hoeven het gezag van Christus niet te vergelijken met dat van een aardse koning. In feite is dat het laatste waarmee wij het zouden moeten vergelijken. Deze koning wast de voeten van zijn ondergeschikten. Dat is hoe Hij zijn gezag uitoefent. Als wij kijken naar de wijze waarop Jezus zijn gezag uitoefende, worden enkele belangrijke zaken over gezag duidelijk voor ons. Bij een bepaalde gelegenheid, bijvoorbeeld, vertelden de mensen over Hem dat zijn onderricht diepe indruk op hen had gemaakt, omdat Hij had gesproken “met gezag,” anders dan de schriftgeleerden, die “in een positie van gezag” waren. Dit is alvast een eerste hint over de betekenis van gezag.

In een positie van gezag verkeren betekent dat wij een aangewezen of benoemde rol vervullen. De meeste volwassenen beschikken daarover als ouders, leerkrachten, managers, priesters. Wij staan dan allen in zekere zin – zoals dat uitgedrukt worden – ‘boven’ anderen. Soms betekent dat simpelweg dat wij anderen zeggen wat zij moeten doen, zoals wij dat doen met peuters en kleine kinderen. Peuters en kleine kinderen passen in feite het best in dit voorbeeld: we zeggen wat zij moeten doen omdat wij beter weten, en uiteindelijk zijn wij ‘groter.’ Gehoorzaamheid bevat altijd een element van dwang.

Gezag hebben is echter niet een kwestie van ‘boven’ de ander staan. Het gaat in feite niet alleen om ervaring, maar veeleer om wijsheid en goedheid. Wanneer een zoon of dochter bij de ouders teruggaat, nadat zij reeds uit huis zijn, en hen vragen om advies of raad, dan doen zij dat omdat in hun ogen de ouders gezag bezitten. Zij staan niet langer in gezag ‘boven’ hun kinderen in enige betekenisvolle wijze. Zij volgen wat de ouders zeggen, niet omdat zij daartoe gedwongen zijn, maar omdat zij dat willen.

Het Heerschap van Jezus, zijn hoog gezag, is van dit laatste soort. Wij denken vaak over gezag als macht, hoewel Jezus die interpretatie nadrukkelijk had afgewezen. Zijn gezag is het gezag van wijsheid, het gezag van goedheid. Zijn geboden zijn allen uitnodigingen. We zijn nooit gedwongen om te gehoorzamen. Daarom nemen zijn adviezen aan ons altijd de vorm aan van ‘als’: als jij het eeuwig leven wilt bezitten, doe dit of dat; als je mij wilt volgen, doe dit of dat. Het is altijd ‘als’ en niet ‘je moet!’

Echt gezag – authentiek gezag – hoeft nooit volgzaamheid af te dwingen. In onze tijd en in onze omgeving is er een chronisch gebrek aan dit authentiek gezag. Vrijwel altijd gaat het om gezag dat met bedreiging of manipulatie volgzaamheid afdwingt. Wie volgen wij nog omdat die – zoals Jezus – met gezag ‘spreekt’? Waar vinden wij nog de figuren, die met hun doen en laten, met hun spreken en zwijgen, zo een diepe indruk op ons maken, dat zij daardoor voor ons gezag hebben?

Bij de leiding van het land vinden wij dergelijk gezag niet. Daar wordt trouwens altijd gesproken over ‘macht’ – de uitvoerende macht, de wetgevende macht en de rechterlijke macht. Het beschikken over deze macht betekent niet vanzelfsprekend dat men ook beschikt over gezag. Er zijn voorbeelden genoeg – uit eigen land en in de rest van de wereld – dat overheidsfiguren vaak slechts beschikken over macht en niet over gezag.
Hetzelfde geldt ook in het bedrijfsleven, in organisaties en verenigingen, en helaas ook in de kerk, waar wij het beter zouden moeten weten aangezien wij Hem volgen, die aangeeft wat authentiek gezag eigenlijk is: de voeten wassen van de ondergeschikten. En uiteindelijk: zelfs jouw leven opofferen ten bate van jouw ondergeschikten.

De verleiding om authentiek gezag te laten afglijden naar ordinaire macht is heel groot, vooral als zij die jouw het gezag in eerste instantie toekennen in feite erom vragen dat zij met macht geleid worden. Het klinkt misschien heel gek, maar het is makkelijker om beslissingen over wat je moet doen over te laten aan de macht van een ander, dan de verantwoordelijkheid te nemen om geïnspireerd door het gezag van de ander zelf te kiezen. Als het fout gaat dan is het tenminste altijd de schuld van de ander die macht heeft.

Christus leidt ons daarom niet met macht, maar spreekt tot ons met gezag opdat wij zelf kiezen, zelf beslissen. De verantwoordelijkheid – of zo u wilt, de macht – om zelf te kiezen gaf God reeds aan de mens vanaf het begin. De mens, die door God een bevoorrechte plek kreeg in de schepping, heeft vanaf zijn oorsprong van God de capaciteit ontvangen om zelf te kiezen: kiezen tussen de boom van het leven en de boom van de kennis van goed en kwaad. De erkenning en aanvaarding van de verantwoordelijkheid om zelf te kiezen is een eerste voorwaarde willen wij mensen zijn die kunnen spreken met gezag. Dat Jezus gehoorzaam was aan de wil van de Vader moeten wij dus lezen als een keuze die Hij zelf maakte omdat Hij volledig vertrouwde op het gezag van zijn Vader.

Uit Omhoog editie 43 – 19 nov 2017
Door: P. Tjon Kiem Sang