Monday 18 December

“Ga met God en Hij zal met je zijn,
Jou nabij op al je wegen,
met zijn raad en troost en zegen.
Ga met God en Hij zal met je zijn.”

Vertrek pater Gerard
In een stampvolle Heilige-Driekoningenkerk zongen parochianen voor de laatste keer voor pater Gerard Geyskens tijdens een eucharistieviering op zaterdag 19 augustus jl. In de dagen daarna vertrekt pater Gerard voorgoed naar Hamont, Belgisch-Limburg om er daar zijn tent op te slaan.

Bijna dertig bewogen jaren herderde hij in zijn geliefd Suriname, waarvan 28 jaar op Noord en de laatste tijd in Fatima Oord. Naar zijn zeggen was het “gemakkelijker” voor hem om afscheid te nemen van Suriname dan van de Surinamers. Het is duidelijk, in die lange periode zijn er vele contacten gegroeid, hetgeen het afscheid – en dat geldt voor beide zijden – in niet geringe mate bemoeilijkt. Gezondheidsperikelen noodzaakten pater Gerard echter om zijn pastoraat los te laten.

Eucharistieviering en receptie
Bisschop Karel Choennie ging voor in de dienst en sprak woorden van lof en dank. Aan het einde was er een speciale zegen, “opdat er ook na Suriname nog leven zou mogen zijn voor pater Gerard.” En toen volgde er een drukbezochte receptie in de parochiezaal, waar velen waren gekomen om pater de hand te drukken. De volgende morgen ging hij nog voor in Fatima-Oord. Onze beste wensen vergezellen pater Gerard, die op 24 augustus naar de heimat zal vertrekken: “Ga met God en Hij zal met je zijn!”

Door: pater Jan Verboogen

 


Ode aan een mensenvisser

Lang geleden arriveerde in Suriname een Salvatoriaanse priester uit België. Zijn standplaats werd de Heilige-Driekoningenkerk, ook bekend als ‘Rajpur’ aan de Mahonielaan. Aangezien hij wilde weten hoeveel rooms-katholieke schaapjes hij onder zijn hoede had besloot hij aan de slag te gaan. De computer had zijn intrede nog niet gedaan dus begon hij gewapend met pen en een notitieblok aan de enerverende huis-aan-huistocht binnen de grenzen van zijn parochie. Zie hier het onstaan van het huidige lijvige computerbestand van alle rooms-katholieken op Noord.

Als reactie op een preek van hem indertijd over de mensenvisser mailde ik hem het volgende:

Het moet lang, heel lang geleden zijn gebeurd want de kinderen waren toen klein, heel klein. Zo plotseling zijn ze nu 37 om 35 geworden. Op een namiddag waarop de zon overvloedig scheen, stopte een blanke man bij ons aan de poort; in die tijd waren er niet zoveel blanke mannen in de buurt dus mijn wederhelft en ik keken elkaar verwonderd aan. We snelden naar het balkon en keken vanuit grote hoogte op hem neer. Hij zei toen “teen en tander” maar met de wind en zijn Belgische uitspraak vervlogen de klanken dus daalden wij naar lagere sferen om de averij opgelopen aan het klankbord te herstellen.

Een heuse pastoor die de moeite nam om bij eventuele parochianen een huisbezoek te brengen? Nog nooit van gehoord! Daar heeft in al die jaren dat we terug waren in Suriname geen enkele geestelijke moeite voor gedaan. Niet vanuit religieuze overwegingen dus maar uit pure nieuwsgierigheid nodigden we de gast uit om maar eens binnen in ons bescheiden stulpje te komen.
Ik wachtte op de donderpreek en een verhandeling over de 10 geboden maar nee hoor, de gast ging hoogst gemoedelijk voor de beeldbuis zitten en volgde samen met manlief de voetbalwedstrijd. Na allerlei voetbalanalyses begon ik mij af te vragen of hij nog in God geïnteresseerd was; gelukkig houdt mijn man niet van hengelen.

En toen, eindelijk, terwijl ik aan de berg vaatafwas en de wasmachine dacht vroeg onze gast terloops naar onze religieuze overtuiging. Aha, dacht ik bij mezelf, nu zullen we de hersenspoeling krijgen. Maar nee hoor, doodkalm werden een dure pen en een eenvoudige schrift geproduceerd en of ik wilde aangeven hoe de gezinssamenstelling was. Aangezien de heer des huizes bij een family planning organisatie, Stichting Lobi, werkte konden we het niet maken om een voetbalelftal ter wereld te brengen zoals zijn planning was maar voorbeeldig hebben we het op twee nazaten gehouden. Hiermee was uiteraard de kous niet af. Er werd rustig doorgebreid: zijn er ook rooms-katholieken in het gezin? Blijmoedig gaven wij aan dat drie van de vier gezinsleden rk-gezind zijn. Vragend werd de “afvallige” aangekeken en ik zei ietwat te luid en te uitdagend gereed voor de strijd “dat ik EBG’er ben.” Maar er kwam helemaal geen strijd om het zieltje te redden van het EBG-pad. Gewapend met zijn “i-pad” vertrok onze gast even rustig als hij was gekomen als een visioen in de nacht.

Onze ervaring delend met anderen vernamen wij tot onze grote verbazing dat die vreemde blanke van huis tot huis ging met steeds diezelfde vraag over het rooms-katholiek geloof. Waar was hij toch mee bezig?

Zo dwaalden mijn gedachten af toen ik afgelopen zaterdagavond tijdens de preek over het hengelen dacht: je moet niet zitten om die omgekeerde emmer bij het kreekje en naar hartenlust in het water slaan hopende dat je gauw beet hebt. Nee, je moet rustig wachten tot het visje zelf komt aangezwommen en toehapt. Nooit heb ik aan die gast verteld dat voor mij het cruciale moment was toen hij rustig opschreef dat ik EBG-er was en niet met mij in discussie ging over het geloof. Pas bij de preek had ik door wat voor hem de juiste techniek was voor het vangen van vissen.

Wel, pater Gerard, ik voel mij veilig geborgen in het net(werk) van de Heilige-Driekoningenkerk.

Vruchtbare hengeldagen toegewenst!


Door: Nesta Leckie