Thursday 22 June

Download hier de Boodschap van de Veertigdagentijd in PDF

Boodschap voor de VeertigdagentijdBoodschap voor de Veertigdagentijd van de Bisschop van Paramaribo

De Veertigdagentijd is een gunstige tijd om ons voor te bereiden op het grote feest van
Gods liefde, dat wij met Pasen vieren. Het is een tijd waarin wij de Bijbelse profeten aan
het woord laten om ons op te roepen tot bezinning over hoe wij bezig zijn. Het is een tijd
die God ons jaarlijks gunt om ons leven te veranderen en meer in lijn met het Evangelie
te brengen. God spreekt strenge taal door zijn profeten en dat is maar goed ook want Hij
wil ons wakker schudden uit onze dagelijkse gewoontes en de verdoving van de sleur en
de routine. Maar tegelijk is zijn blik mild en geeft Hij ons altijd weer nieuwe kansen om
ons leven te beteren en om voor Hem en onze medemensen te kiezen. Nu is het de
gunstige tijd daarvoor.

Loskomen van boeien die ons binden
De profeet Jesaja beschrijft in hoofdstuk 58 het vasten dat de Heer verkiest:

“... boosaardige boeien losmaken, de banden van het juk losmaken, de onderdrukten
hun vrijheid hergeven, en alle jukken doorbreken? Is vasten niet dit: uw brood delen
met wie honger heeft; arme zwervers opnemen in uw huis; een naakte kleden die u
ziet en u niet onttrekken aan de zorg voor uw broeder? Dan breekt uw licht als de
dageraad door” (6-8a).

De profeet gaat in tegen bepaalde gebruiken die gangbaar waren en waarvan de mensen
dachten dat ze daarmee Gods gunst konden bekomen. Sinds mensenheugenis leeft bij
ons de opvatting dat het vasten enkel inhoudt: vlees vervangen door vis. Bovendien is de
oorspronkelijke reden van dit gebruik vrijwel helemaal vervaagd en weten velen niet
meer waartoe deze vorm van vasten of zelfs het vasten in zijn geheel dient. Ook wordt
vaak gehoord: vasten is niet meer verplicht.

Bevrijding van de geboeidheid door geld
Jesaja spreekt over twee aspecten van het vasten: over bevrijding bewerken en over
breken en delen. “Boeien en de banden van het juk losmaken.” Welke boeien zien wij
vandaag in ons leven en samenleven? Welk juk drukt op de schouders van mensen? We
leven thans in een maatschappij die in de greep is van economische neergang. Mensen
zijn geboeid door een overvloed of een gebrek aan geld en rijkdom. Geboeid heeft hier
een dubbele betekenis. Aan de ene kant zijn er mensen die erdoor zijn gefascineerd, het
trekt hen aan en ze zijn erdoor gebonden en onvrij gemaakt. Om mee te tellen en iemand
te zijn, laten ze graag zien dat ze het financieel goed hebben. Men koopt, consumeert,
verbruikt. Hoe meer geld ze hebben, hoe meer ze kunnen uitgeven.

Aan de andere kant zijn er de mensen gebukt gaan onder het juk van te weinig of geen
geld. Aldoor stijgende prijzen leggen consumptiegoederen steeds meer buiten het bereik
van hen die het niet kunnen betalen. De geboeidheid door geld (of juist de afwezigheid
ervan) maakt dat alle aandacht enkel gericht wordt op het komen aan geld. Dit verlamt
de creativiteit in de mens om op zoek te gaan naar alternatieve manieren om in hun
levensonderhoud te voorzien. En als de focus enkel gericht is op geld, kan het ook leiden
tot het hanteren van oneerlijke methoden om aan dat geld te komen.

Geld als tirannieke afgod
De Heer nodigt ons uit om in deze veertigdagentijd onze houding tegenover ons bezit te
onderzoeken. Hoe geboeid ben ik door geld en goed? Welk juk van prestatie en
concurrentie laat ik me opleggen? Hoezeer laat ik me leiden door wat anderen bezitten?
Als mijn buurman een (nieuwe) wagen kan kopen, dan wil ik dat ook kunnen. Misschien
hoor ik bij de gelukkigen die genoeg geld hebben om dat te doen. Maar vraag ik me dan
af of het ook goed is om mijn geld daaraan uit te geven? Misschien ben ik niet zo rijk en
ben ik ongelukkig of kwaad omdat ik geen auto kan kopen. In beide gevallen ga ik gebukt
onder een juk dat ik mezelf heb laten opleggen. Wil ik me tijdens deze vasten laten
bevrijden van dat juk? In zijn boodschap voor de Veertigdagentijd zegt paus Franciscus:
“Geld kan ons zelfs zo gaan overheersen dat het een tirannieke afgod wordt. In plaats
van een instrument te zijn dat ons ten dienste staat om het goede te doen en de
solidariteit met de anderen te beoefenen, kan geld ons en heel de wereld
onderwerpen aan een egoïstische logica die geen ruimte laat voor liefde, en vrede in
de weg staat.”

Anderen bevrijden uit hun boeien
Jesaja roept op om ook als bevrijders op te treden voor de boeien die anderen
onderdrukken. Welke mensen in onze directe omgeving leggen wij een juk op de
schouders door iets van hen te verwachten of te eisen dat de grenzen van redelijkheid
overschrijdt? Is mijn levensstijl een voorbeeld tot bevrijding voor anderen, of geef ik
juist prikkels tot hebzucht en wedijver? Hoe kan ik eraan meewerken om verdrukkende
structuren aan te pakken? Als enkeling zal het misschien niet lukken om
maatschappelijke structuren en systemen zodanig om te buigen.

Gezamenlijk kunnen wij wel ervoor opkomen dat de voordelen en lasten van de
maatschappij rechtvaardig verdeeld worden, opdat niemand – vooral die het zwaarst te
verduren hebben – onnodig verdrukt worden. De ontwaarding van onze munteenheid
heeft gemaakt dat inkomens en lonen veel minder waard zijn geworden dan twee jaar
geleden, en hierdoor worden vooral de arme gezinnen het zwaarst getroffen. Helaas
constateren wij dat de instituten die daarvoor behoren op te komen – onder andere
sommige vakbonden en hun leiders – zich laten inkapselen door de politiek en de
arbeiders aan hun lot overlaten.

Samen kunnen wij meer bereiken
Ook kunnen wij nagaan of de consumptiegoederen, die door stijgende prijzen steeds
meer buiten het bereik komen te liggen van een groeiend deel van de samenleving, niet
vervangen kunnen worden door goedkopere – en soms zelfs betere – alternatieven. Wij
denken bijvoorbeeld aan babyvoeding in blik, waarvoor borstvoeding niet alleen een
goedkoper maar vooral een gezonder alternatief is. De Overheid heeft hierin een grote
verantwoordelijkheid, met name door het consequent begeleiden van moeders. Ook
werkgevers kunnen hierin bijdragen, door bijv. serieus om te gaan met
zwangerschapsverlof dat moeders dringend nodig hebben in de zorg voor hun
pasgeboren kinderen.

Een goed samenspel tussen Overheid, ondernemers en burgers kan ook bijdragen aan
besparingen op bijvoorbeeld de kosten van transport. Eenieder wil over een eigen
vervoermiddel beschikken om zich met gemak te kunnen verplaatsen. Behalve de extra
kosten, die het hebben van een eigen auto met zich meebrengt, zorgt dit ook voor een
rap toenemende congestie van onze wegen, en bovenal voor steeds meer vervuiling van
het milieu. Meer nog dan geld is vooral de politieke wil nodig om een goed geordend
systeem van openbaar vervoer tot stand te brengen, dat niet alleen qua kosten maar ook
qua efficiëntie een beter alternatief kan zijn, met bijvoorbeeld speciale busbanen of
wegen waarop het openbaar vervoer voorrang heeft.

De aarde gaat gebukt onder ons juk
Milieuvervuiling door een toename in de uitstoot van schadelijke gassen door steeds
meer auto’s is slechts een van de vele manieren waardoor wij de aarde gaat gebukt laten
gaan onder een juk dat zwaar op haar drukt. Door onze manier van leven zijn we in de
voorbije decennia meer en meer verdrukkers geworden van ons gemeenschappelijk
huis, zoals paus Franciscus de aarde noemt. We verbruiken zoveel goederen en energie,
we produceren zoveel afval en vervuiling dat we bekering nodig hebben.

In zijn vastenboodschap noemt paus Franciscus de houding van de rijke man uit de
parabel van de arme Lazarus als oorzaak van de verdrukking van ons
gemeenschappelijk huis: “Er was in zijn leven in feite geen plaats voor God. Hij was zelf
zijn eigen god.” Laten we meewerken aan de bevrijding van de natuur en ons ecosysteem
door eenvoudiger te gaan leven en met zijn allen minder te gaan verbruiken. Niet dat
minder gemakkelijk of plezierig is. Maar zo maken we mogelijk dat de rijkdommen van
deze aarde beter verdeeld worden en iedereen ervan kan genieten. Ook de komende
generaties van onze kinderen en kleinkinderen.

Vasten is delen met elkaar
Jesaja zegt dat de vasten die God behaagt inhoudt dat we bereid zijn te delen. Delen is
niet hetzelfde als weggeven wat ik niet meer nodig heb of wat ik teveel heb. Delen kost
moeite. Het vraagt als het ware dat ik iets in twee breek om er een stuk van weg te geven
aan een ander. In België bijv., staan mensen van een of andere hulporganisatie soms
gedurende enkele weken aan de uitgang van een voedingswinkel en vragen aan de
mensen die met een volle tas naar buiten gaan of ze bereid zijn iets aan de
noodlijdenden te geven. Het is een confronterende vraag omdat je dan iets geeft van wat
je voor jezelf gekocht hebt. Jesaja zegt: “ Uw brood delen met wie honger heeft; arme
zwervers opnemen in uw huis; een naakte kleden die u ziet en u niet onttrekken aan de
zorg voor uw broeder.”

Met wie deel ik van mijn brood? Wie mag mee aan tafel gaan, bijvoorbeeld als er iets te
vieren valt? Hoe gastvrij is mijn huis? Hoever ga ik in de zorg voor mijn broeders en
zusters? Zijn dat enkel mijn bloedverwanten of weet ik me ook verantwoordelijk voor
anderen dichtbij en verderaf? We worden uitgenodigd om te delen van wat we hebben.
Dat kan geld zijn of gastvrijheid of tijd of een of ander gebruiksvoorwerp of kennis.
Zowat alles kan gedeeld worden met anderen.

Tot slot
Wanneer mensen ingaan op de oproep van Jesaja en zichzelf laten bevrijden en anderen
bevrijden van onderdrukking, wanneer ze delen met elkaar opdat iedereen genoeg zou
hebben, dan ontstaat er een nieuwe manier van samenleven. Het licht van Gods liefde
breekt door en de wereld wordt Rijk Gods. We krijgen ook dit jaar weer veertig dagen
om ons te bekeren onder de milde blik van God. Zo mogen we naar het licht toegroeien.
En dan kan Pasen doorbreken en zal het volle licht over ons kunnen schijnen.

Een gezegende Veertigdagentijd aan u allen.

Paramaribo, 28 februari 2017

+Karel Choennie
Bisschop van Paramaribo