Tuesday 25 July

Door: P. Tjon Kiem Sang

Een leven lang missio ad gentesOp zondag 28 augustus ll. heeft de dertiende groep pastorale leiders voor het binnenland hun officiële zending ontvangen van mgr Choennie. Deze leiders zijn opgeleid door pater Toon en zuster Egno, de cursusleiders van catechistenopleiding van ons Bisdom. Tijdens deze dienst heeft pater Toon ook formeel aangekondigd dat hij en zuster Egno hun taken nu overdragen aan pater Kenneth Vigelandzoon, die is aangesteld als nieuwe cursusleider. Hij zal dit samen doen met een team, bestaande uit Gerda Misidjang, Rudy Anose en Nelson Pavion. Het is goed dat Rudy en Nelson in het team zitten, want zij zijn van afkomst resp. Aukaner en Saramaccaner, en er zijn tussen die twee groepen toch wel wat culturele verschillen. Voor de balans in het team is dat goed. Deze twee groepen zijn verreweg de twee grootste groepen in het binneland van Suriname, ruim driekwart van de hele binnenlandbevolking.

Het begin
In 1979 vroeg mgr Zichem aan pater Toon om de leiding van de catechistencursus op zich te nemen. Omdat hij geen onderwijservaring had, en ook omdat hij van plan was om naast mannen ook vrouwen op te leiden, achtte hij het belangrijk om in de leiding ook een vrouw te hebben. Zuster Egno Monk was toen docent pedagogiek en decaan op het CPI en was een heel gekwalificeerde kracht om les te geven. Pater Toon had de theologische kennis en ook veel praktijkervaring met werken in het binnenland, aangezien hij sinds zijn priesterwijding in 1970 al was aangesteld als boslandpater. Maar voor het lesgeven, de administratieve kant van de cursus e.a. was zuster Egno een goede aanvulling voor de opleiding.

Start van de opleiding
Drie jaar eerder had de boslandpastoresvergadering, die naast pater Toon verder werd gevormd door de paters Willebrands, Holtzer, Calis, Klinkhamer en Heijkers, besloten om te werken aan de Surinamisering van het kerkelijk kader en hebben toen de boslandcatechistencursus opgericht. Deze werd in eerste instantie geleid door de hr Kuiters, een voormalig priester. Nadat zr Egno van haar overste toestemming had verkregen om haar betaalde baan bij het CPI op te zeggen, begon zij, samen met pater Toon in 1980 aan de catechistenopleiding, en dat hebben zij 36 jaren gedaan. Het uitgangspunt van pater Toon was dat het gebrek aan priesters niet altijd als een probleem moet worden beschouwd, maar ook als een uitdaging kan worden gezien om het anders te doen, in dit geval door de motivatie om lekenkader op te leiden.

Pastorale leiders
In het begin ging het vooral om het opleiden van catechisten als ‘helpers van de pater,’ maar er is wel vanaf het begin gezegd dat deze personen ook zelfstandig moesten kunnen functioneren. Vele gebieden werden toen al slechts één keer per jaar bezocht door de pater. Daarom is ook al heel snel besloten om niet zozeer te spreken van ‘catechisten’ (dat eerder doet denken aan het verzorgen van catechese) maar van ‘pastorale leiders binnenland.’ Ze leiden de geloofsgemeenschappen in het binnenland, doen de verkondiging op de zondag, schenken aandacht aan de zieken en bij dood en uitvaart. Ze zijn de dragers van de katholieke gemeenschappen in het binnenland. Pater Toon vindt het goed dat de bisschop bij de recente zendingsdienst steeds de titel ‘pastorale leider’ heeft gebruikt. Het geeft beter aan wat zij doen en waartoe zij worden opgeleid. Bij de selectie van kandidaten wordt daarom ook gelet op de leiderschapskwaliteiten van de persoon.

De opleiding en cultuur
De hele opzet van de opleiding en het curriculum ervan zijn in elkaar gezet door pater Toon en zuster Egno. Zij zijn uitgegaan van wat de catechisten in de praktijk nodig zouden hebben: bijbelkennis (met speciale aandacht voor het Lucas- en Johannesevangelie, de Handelingen der Apostelen en het boek Apokalyps). De binnenlandbewoners hebben altijd een sterk orale cultuur gehad. Verhalen met een boodschap spreken hun erg aan. Daarom sluit de Bijbel heel goed aan bij hun belevingswereld. Zij kunnen het bijbelverhaal goed verwoorden met hun eigen ervaringen. De cursusleiding heeft daarbij de cultuur altijd benaderd vanuit de oproep van Sint Paulus: “Onderzoekt alles en behoudt het goede.” De instelling was niet om bij voorbaat alles te veroordelen en af te wijzen. Er is juist geprobeerd om bepaalde culturele tradities te integreren in hun christelijke beleving. Een voorbeeld daarvan is het geheel aan tradities en rituelen rond uitvaart. Daarover is uitvoerig gediscussieerd met de binnenlandbewoners. Er waren daarbij zeker aspecten die helemaal in strijd waren met christelijke principes. Er is zelfs een speciaal document daarover geschreven: “Libi nanga dede, wan nyun fasi fu beri nanga hori rouw,” met de bedoeling om hen te leiden tot een christelijke visie op overlijden en rouw. Deze aanpak is ook aan de granmans voorgehouden en uiteindelijk heeft dat velen tot nieuwe inzichten gebracht.

Overdracht
De opleiding heeft zowel pater Toon als zuster Egno heel veel geholpen bij hun eigen groei. Het was steeds weer een vreugdegevoel wanneer een groep was klaargestoomd voor de zending. Ze hebben het altijd heel graag gedaan, 36 jaren lang. De overdracht van de opleiding gaat pater Toon – en zuster Egno zeker ook – wel aan het hart. Maar toch doet hij dat met een goed gevoel en hij is blij dat hij dat kan doen aan een team dat nog jong is en bovenal Surinamers. De officiële overdracht was tijdens de zendingsdienst op 28 augustus, maar daarna heeft pater Toon nog veel met pater Kenneth overlegd en hem verder geïnstrueerd. De opleiding bestaat niet alleen uit de cursusweken in Paramaribo, maar behelst ook de individuele begeleiding ter plekke. Pater Toon en zuster Egno gingen daarom regelmatig het binnenland in om de catechisten op hun eigen plek te begeleiden. Dit werk is nu verdeeld onder de drie boslandpastores: pater Kenneth, pater Doris en pater Toon.

In die 36 jaren hebben 170 catechisten de zending gehad, in totaal 13 groepen. Nu is een 14de groep bezig, en op de volgende boslandpastoresvergadering, die de uiteindelijke supervisie heeft over de opleiding, zal gesproken worden over de start van groep 15. Op een bepaald moment werden ook catechisten uit Frans Guyana toegelaten tot de opleiding.

Dank
Als geloofsgemeenschap zijn wij pater Toon en zuster Egno bijzonder veel dank verschuldigd. Door hun onvermoeibare en toegewijde inzet voor de catechistenopleiding 36 jaren lang hebben zij een heel wezenlijke bijdrage geleverd aan de instandhouding van de aanwezigheid van onze kerk in het binnenland van Suriname, aan de geestelijke en morele vorming van onze katholieke broeders en zusters in talloze dorpen in het bosland. In deze maand waarin wij het missiewerk speciaal gedenken, is het heel gepast om pater Toon en zuster Egno eer te bewijzen, voor hun moedige inzet voor de missio ad gentes.

 

Bron: Omhoog, editie nr. 37