Tuesday 19 September

Door: Tim Tjon Kiem Sang

100 jaren eeuwige rustOp zaterdag 11 februari 2017 bestaat de RK-Begraafplaats aan de Prinsessestraat 100 jaar. Een goed moment om even stil te staan bij haar geschiedenis.

De start: Rust-en-Vredestraat
Sinds de oprichting van de Rooms-Katholieke Missie in de zeventiende eeuw in Suriname, bestond bij de geloofsgenoten de wens over een eigen kerkhof te beschikken. Ongeveer anderhalve eeuw na de stichting van de missie werd begonnen met de aanleg van de eerste katholieke begraafplaats in Suriname. Deze kwam te staan op de hoek van de Rust-en-Vrede-straat en de Dr. Sophie-Redmondstraat. Na twee jaar (in april 1840) volgde de inwijding van het kerkhof Rust-en-Vredestraat door mgr Jacobus Grooff. Dit was een nieuw hoogtepunt in de ontwikkeling van de Surinaamse katholieke geloofsgemeenschap en hiermee werd ook een wens gerealiseerd. Er zijn weinigen onder ons die zich deze oude begraafplaats nog herinneren of wisten dat het terrein van het huidige Regeringsgebouw een begraafplaats was.

Het Heilig Verbond
In 1874 werd het Heilig Verbond opgericht; zij was verantwoordelijk voor het beheer en de organisatie van de begraafplaats. Ook de minderdraagkrachtigen in de samenleving konden via het Heilig Verbond hier een waardige rustplaats krijgen. Door een afbetalingssysteem kon men via dit Verbond – vanaf jonge leeftijd – betalen voor een plek en de uitvaart.

Uitbreiding naar Prinsessestraat
Reeds in 1885 werd de begraafplaats uitgebreid, wat goed aantoonde dat er een grote behoefte bestond aan katholiek begraven in Paramaribo. Tegen het einde van de negentiende eeuw werd duidelijk dat het kerkhof aan de Rust-en-Vredestraat snel vol zou raken en er was geen mogelijkheid voor verdere uitbreiding. Op het terrein aan de Prinsessestraat begon men met de aanleg van een nieuw katholiek kerkhof. Deze werd ingedeeld in een eerste, tweede en derde klasse. Ook was een apart gedeelte gereserveerd voor ‘goddelozen’; het ging hier vooral om mensen die door zelfdoding waren overleden. In februari 1917 vond de eerste begrafenis plaats op deze nieuwe locatie, nl. die van George Brandon. De ingang werd in 1954 verplaatst van de Prinssesestraat naar de Tourtonnelaan, waar ongeveer twaalf jaar later – in 1966 – de nieuwe rouwkapel na inzegening in gebruik werd genomen.

Overvol
In de oude begrafeniswet was er geen ruimte voor het verwijderen van oude graven met als doel dezelfde plek gereed te maken voor nieuwe. Zo gebeurde het dus dat de meeste begraafplaatsen in Paramaribo in de jaren ’90 vol begonnen te raken. Ook de onze. Er moest dus een nieuw terrein gezocht worden. Diverse plekken in en rondom Paramaribo werden bekeken, maar geen van de gebieden werd geschikt bevonden voor voor dit doel. Intussen raakte de begraafplaats steeds voller. Voetpaden werden gebruiksklaar gemaakt en zelfs de afwateringsgoten werden gedempt om toch aan iedere katholiek gedoopte een laatste rustplaats te kunnen bieden. Zo kon de begrafenisstop worden uitgesteld totdat een nieuwe plek beschikbaar was. Ondanks deze ‘lapmiddelen’ was men genoodzaakt in 2006 de rooms-katholieke begraafplaats voor onbepaalde te sluiten, aangezien er toen echt niemand meer bij kon.

Wijziging Begrafeniswet
Er was een wijziging van de Begrafeniswet nodig om het probleem van de steeds voller wordende begraafplaatsen op te lossen. In juli 2007 werd de wijziging van de wet, met name artikel 23, doorgevoerd. Door deze verandering konden graven, ouder dan 20 jaar, verwijderd worden en weer worden gebruikt. Families van de overledenen konden grafrecht betalen om te voorkomen dat de graven van hun dierbaren werden geruimd. Met de nieuwe begrafeniswet konden de verschillende kerkhoven opnieuw gebruikt worden en was het zoeken naar een nieuw terrein geen noodzaak meer. Dat gold dus ook voor het RK kerkhof. In 2009 werd de eerste groep graven verwijderd. Hoewel dit al eerder was gebeurd in Paramaribo, werd het ruimen door velen in de surinaamse gemeenschap als nieuw en zelfs vreemd ervaren. Dat was vooral te merken aan de heftige reacties van sommige nabestaanden. Het was echter een noodzakelijke handeling teneinde het kerkhof opnieuw open te stellen voor begrafenissen.

100 jaren eeuwige rustOverige wijzigingen
Behalve het ruimen van graven werden ook andere wijzigingen doorgevoerd. Het begraven in kelders werd vanaf toen niet meer mogelijk omdat bij deze vorm van teraardebestelling de hygiene niet 100% kan worden gegarandeerd. Besloten werd tevens om terpen aan te leggen waar de overledenen in kuilen worden begraven. Grote delen van de katholieke begraafplaats komen nl. onder water te liggen na een zware regenbui. Veel graven zijn moeilijk bereikbaar en het begraven is soms zelfs onmogelijk. Door de terpen (verhogingen van 1 à 2m boven het maaiveld) worden eerder genoemde problemen opgelost.

Eind 2010 werden de eerste twee terpen in gebruik genomen. Het begraven op de terpen gaf een andere aanblik dan wat men gewend was in Suriname. Het maken van de bekende ‘tegelgraven’ behoorde tot het verleden. Nu wordt men begraven onder een grasveld, waarbij elk graf wordt voorzien van een granieten naamplaat. “Het lijkt wel net het buitenland” is een veel gehoorde opmerking van bezoekers als ze de naamplaten op de terpen voor het eerst zien. Het is de bedoeling de begraafplaats een parkachtig karakter te geven door het aanleggen van de terpen. Denk maar aan meer groen en zitplaatsen, waardoor het geheel een bezoekersvriendelijker uiterlijk krijgt.

Reorganisatie
Bij reorganisatie in april 2014 werd de ‘RK-Begraafplaats’ omgezet in een Stichting. De grotere mate van zelfstandigheid moet leiden tot een betere dienstverlening. Een van de aspecten is het verzorgen van uitvaarten door de Stichting RK-Begraafplaats. Hier is al op kleine schaal mee begonnen en het is de bedoeling dit verder uit te breiden. Door alle vernieuwingen behoort langdurige sluiting tot het verleden en zijn rooms-katholieken in Suriname verzekerd van een laatste rustplaats op hun eigen begraafplaats.

 

Uit: Omhoog, Editie nr. 5